Brexit kost Britse touringsector £208 miljoen, aantal EU-shows blijft 21% achter

— Cas Spiertz

Brexit kost Britse touringsector £208 miljoen, aantal EU-shows blijft 21% achter
Podium Ancienne Belgique in Brussel

Een nieuw onderzoek in opdracht van het Britse Department for Culture, Media and Sport (DCMS) becijfert voor het eerst de economische gevolgen van de post-Brexitbarrières voor Britse artiesten die door de EU touren. Tussen 2022 en 2024 ging volgens het onderzoek £208 miljoen aan bruto toegevoegde waarde (GVA) verloren in de Britse touringsector, naast naar schatting 2.490 voltijdbanen.

Het rapport The economic benefits of touring and impact of EU exit, gepubliceerd op 27 augustus 2026, is uitgevoerd door Ipsos UK en Nordicity. De onderzoekers combineerden onder meer data van PRS for Music met interviews en bestaande sectoronderzoeken.

Het aantal EU-optredens van Britse artiesten lag in 2024 nog altijd 21% onder het niveau van 2019. Vooral het kleinere en middensegment blijft achter. Het aantal optredens in reguliere live-muziekvenues lag in 2024 22% onder 2019. Stadium- en arenatours herstelden daarentegen sterk en kwamen 56% boven het niveau van 2019 uit.

£180 miljoen verlies voor live muziek

Binnen de totale Britse economische impact komt het grootste deel voor rekening van muziek. De onderzoekers ramen het directe GVA-verlies door de afname van live-optredens op £81,6 miljoen. Inclusief indirecte effecten in de keten en bestedingen die samenhangen met werkgelegenheid loopt dat op tot £180,2 miljoen.

Orkesten, theater, dans en beeldende kunst waren gezamenlijk goed voor een geschat verlies van £27,8 miljoen GVA inclusief bredere economische effecten en circa 440 FTE.

Kleinere en middelgrote artiesten, freelancers, crews en transportbedrijven worden volgens het onderzoek relatief zwaar geraakt. Voor opkomende artiesten betekent minder Europese touring bovendien minder mogelijkheden om publiek en professionele netwerken op te bouwen.

Ook EU loopt ruim £1 miljard mis

De economische gevolgen beperken zich niet tot het Verenigd Koninkrijk. Minder tours van Britse muzikanten zouden de onderzochte EU-landen tussen 2022 en 2024 gezamenlijk circa £1,04 miljard aan GVA hebben gekost. Daarvan betreft £367,9 miljoen directe economische activiteit.

Duitsland kent met bijna £290 miljoen het grootste geschatte verlies, gevolgd door Denemarken (£152,4 miljoen), Frankrijk (£114,8 miljoen), Italië (£105,1 miljoen) en Nederland (£96,8 miljoen).

De onderzoekers wijzen op een combinatie van obstakels sinds het Britse vertrek uit de EU. Artiesten en crews krijgen te maken met uiteenlopende visa- en werkvergunningsregels, de 90/180-dagenregel voor het Schengengebied, douaneprocedures en ATA-carnets voor apparatuur. Ook beperkingen voor Brits tourtransport, btw en douaneregels voor merchandise en administratieve verplichtingen rond belastingen en sociale zekerheid verhogen volgens geïnterviewde partijen kosten en risico's.

Geen vergelijkbare raming voor Europese artiesten

De nieuwe studie richt zich primair op Britse artiesten die in de EU touren. Hoewel eerder onderzoek laat zien dat ook EU-artiesten sinds Brexit met extra administratieve en logistieke barrières worden geconfronteerd wanneer zij in het Verenigd Koninkrijk optreden, ontbreekt vooralsnog een vergelijkbare economische raming. De Britse House of Commons Library wees er eerder op dat de gevolgen asymmetrisch zijn: Europese artiesten hebben met één Brits regelstelsel te maken, terwijl Britse acts tijdens een Europese tour verschillende nationale regimes kunnen tegenkomen.

Categorie: Regelgeving & Veiligheid

Lees dit artikel op EB & LIVE